Poppie's gedichten

Poppie is een jongedame op leeftijd met een bijzonder scherpe geest, buiten het genieten van de onderstaande gedichtjes is het ook genieten op haar site.
Klik hier om te genieten van de leuke site van deze scherpzinnige en moderne dame.
Sommige gedichtjes/versjes zijn niet door Poppie zelf geschreven, maar wel door haar ingezonden. Deze zijn te herkennen aan de bronvermelding.

Dit versje is minimaal 50 jaar oud

2 meisjes trippelen vrolijk
door de lange zonnige straat.
Van verre klinkt een orgel ,
ze lopen precies in de maat.
Waarom zijn die 2 meisjes
zo uitgelaten blij?
Ze gaan vandaag voor 't eerst naar school
op die eerste dag van mei.
Dit versje is minimaal 50 jaar oud

Twee kindjes gingen naar school toe .
Ze liepen zo lustig en blij .
Daar klonk in de verte een orgel ,
daar moesten ze eventjes bij .
De orgelman speelde van holahihij
en de kindertjes dansten er bij.

De orgelman bleef maar aan 't draaien
en de kindertjes dansten maar door
Daar klonk uit de verte een toren
met een naderend uur in het oor.
Toen liepen ze weg met een angstig gezicht ,
maar de deur van de school was al dicht.

Ze stonden bedremmeld te kijken ,
want straf zal hen vast niet ontgaan .
Ja en was die muziek niet gekomen ,
dan hadden ze nu hier niet gestaan
En de orgelman speelde van holahihij
en de kindertjes huilden er bij.
1964

Kant en klaar, wanneer het aankomt .
Teer en ongerept , Het Kind.

De natuur, edel van vorm, bewaakt
tot aan levensaanschouwing , Het Kind

Vreemd , onbekend , bewegend wezen ,
Toch al zo eigen , Het Kind.

Opwellend , niet tastbaar , onaanvechtbaar
weer binnendringend , Het Kind .

Vastgebeten , steviger dan in de dracht
tot aan eigen levenseinde , Het Kind.
1964

Soms mild, soms wreed, geeft het leven
waarden, groot en ook wel klein
Allen waard om te beleven.
Allen waard om er te zijn.

't Mooist, wat leven je kan schenken
is kind, zo teer en fijn.
Zo lief, geen brein kan dat bedenken,
zo groots, als 't mooist festijn .

Mocht moed ooit in de schoenen zinken,
Kijk in de oogjes ,groot en rein
en laat gulzig je bedrinken ,
als aan de klaterendste wijn ,

Mag 't leven ons lang blijven ,
opdat we dragen liefde en last
van al deez' kleine wichten .
Tot volwassen zijn , erop gepast .

Geen dankbaarheid hoeft men verwachten .
Zo immers is het ook wel goed , want
Wie kinderen heeft in het leven ,
heeft het kostbaarst reeds ontmoet .
Herfst 1970

Als je ontevreden bent en triest
en alles duurt zo lang
is het , of je iets verliest ,
het maakt je meer dan bang.

Je loopt naar het raam en kijkt,
dwarrelend valt weer een blad
Blijkt,bij het volgen van zijn val,
het valt op een belopen pad

Daar komt lachend aan een kind,
wankel is het nog ter been .
Haartjes,warrelig in de wind,
loopt het naar het blaadje heen

Pakt het, stopt het in z'n zak,
speelt verstoppertje in een heg.
Zijn vrolijkheid is nog geen vak.
Dan is hij uit mijn ogen weg.

Edoch,met dat simpel handgebaar,
gedaan door dit hele kleine mens
worden weer al je dromen waar .
Vervuld kan worden iedere wens .

Triestheid verdwijnt bij toverslag,
angst nu volkomen onbekend
Kleintje, dank voor je gulle lach,
ook al weet ik niet wie je bent .
1970

Kermis

Vaders, pakt Uw port-monnaie
en neem vrouw en kinders mee .
Stort U in het strijdgewoel
en omhult U met gejoel.
Aanschouw de achtbaan en nepgeest .
Voor een jaar bent U er weer geweest.
Al dat gebruis en dat geklater
is zoete herinnering voor later.
Als kroost zelf weer met kinders gaat
wordt er zeker wel weer eens gepraat,
nu, jaren ouder en bedaarder
over de kermisgang met moeder en vader.
En dat , ouders , is nu juist de clou !
Daarom alleen al !Naar de kermis toe !!!
1970

Vragen

Mam, wat is de zon en mam, wat is de maan?
De eerste is ons leven kind,
de tweede waar de astronauten gaan

Mam, wat is de zee en mam ,wat is een storm ?
In de eerste loost de mens zijn vuil
en in de tweede is de mens een worm .

Mam, wat zijn drugs en mam, wat is LSD?
't Eerste KAN gevaarlijk zijn ,
't tweede brengt zeker gevaren met zich mee.

Mam, wat is een foetus en mam,wat is abortus ?
't Eerste zal eens een baby zijn,
't tweede zeg ik je later wel es.

Voor vandaag is het genoeg,
je vragen vallen mij wat zwaar
Als je wat jaren ouder bent,
word je alles zelf wel gewaar.

Als je dan een antwoord vindt
en stelt het je tevreę ,
dan heb je van het leven wat geleerd
of is jouw antwoord dan kort en bondig nee ?
Bron: versjesboek van begin 1900

Daar liep een patertje langs de kant.
Hei, 't was in de Mei.
Hij nam zijn nonnetje bij de hand ,
hei, 't was in de Mei zo blij.
Hei, 't was in de Mei.

Kom pater, jij moet kiezen gaan .
Hei, 't was in de Mei.
Je moet je nonnetje laten staan,
hei , 't was in de Mei zo blij .
Hei, 't was in de Mei.

Kom pater, geef je non een zoen.
Hei, 't was in de Mei.
Dat mag je nog wel zes maal doen.
Zes maal is geen zeven.
Zeven maal is geen acht.
O, wat zoenen die meisjes zacht.

Kom pater, jij moet scheiden gaan.
Hei, 't was in de Mei.
Je moet je nonnetje laten staan ,
hei, 't was in de Mei zo blij .
Hei, 't was in de Mei.
Bron: versjesboek van begin 1900

Jan ,
kan je voor de juffrouw een paar schoenen maken?
Jawel juffrouw, als ze maar op de leest willen raken.
Van voren spits , van achteren smal.
Jawel juffrouw, ik zal !
Maar niet met wijde bekken.
Dan zou ik met de juffrouw gekken.
Wanneer kan de juffrouw ze komen halen ?
Als ze maar geld heeft om ze te betalen .
Maar de juffrouw heeft nog geen geld ontvangen .
Dan moeten ze maar in den winkel blijven hangen
Bron: versjesboek van begin 1900

Toen 't kindje op de wereld kwam ,
al uit zijn donker hoekje ,
toen dronken de vrienden wijnkandee !
En ze wonden 't in een doekje.

Al wie 't kindje zijn luurtjes vouwt ,
Leven ze lang, dan worden ze oud .
En ze zullen te bruiloft komen ,
als ons klein kindje trouwt.
Ach kindje, levend
in New Orleans of Irak,
of waar ook ter wereld,
rillend en bevend,
een brug of soort stadion als bak.

Op brug , fijn geperst als menselijk deeg ,
daar sterven tot aan getal van duizend
of in centrum gevangen met nauwelijks beweeg .
Tegelijkertijd ver van elkaar weg , maar toch
dezelfde hel doorkruisend

Zo ver weg en eigenlijk zo samen
ondergingen ze deze hel .
De duivel kon zoiets niet eens beramen.
Zelfs hem was dit te fel.

Kinderen, vergeef de mens
in zijn grote onbenulligheid .
Dat is mijn čn ons aller wens .
Een betere tijd wordt
door deez' mens verbeid.
Bron: versjesboek van begin 1900

Paardje , paardje, rij naar stee.
Breng voor het kindje koekjes mee .
Koekjes met vier hoekjes.
Aan alle kanten even smal .
Raadt eens wie die hebben zal .
't Kindje krijgt die koekjes al.
Als ze stout is niemendal .
Bron: versjesboek van begin 1900

Goeien avond tante Betje
Goeien avond oome Jan
En mijn moeder laat je vragen
Of je niet eens komen kan
Met de kleine poppedeine
Met den grooten bom-bam.
Goeien avond tante Betje
Goeien avond oome Jan


Poesie album-gedichtje

Nu kan je het nog niet lezen , mijn lieve kind,
maar door de jaren heen, zal dat dus beter gaan .
Dan weet je , hoe heel erg lief mama jou vindt
en zij zal altijd en altijd naast je staan..

Jouw mama zal altijd op je blijven passen ,
ook al word je nog zo groot.
Al komen in jouw leven scheuren en wat krassen
en ook al kom je soms wel eens in nood .

Waar je ook in het leven heen zal gaan ,
op de achtergrond is jouw mama altijd daar .
Jij neemt de grootste plaats in -in haar bestaan
Dat is een vaststaand feit , zo heel echt waar.

Mijn lieveling , mijn kleine ik , --maar zo'n groot stuk .
Mijn hoop zal zijn-- voor jou een heel goed leven
en dat mijn lieverd , mijn grote geluk ,
zal mama je vanuit haar eigen leven
volledig proberen te geven.
In het gras, dicht bij een plas,
waar de visjes lustig zwommen
en de vogels hun lenteliedje zongen ,
, zaten samen , handje in handje ,
Antje en Jantje .
Jan zei :"Wat vind ik jou een snoesje"
en vlijde zijn hoofd tegen haar witte blousje .
Ant keek voor zich zonder lach,
maar Jan , die dit ook dadelijk zag ,
vroeg :"Heb ik je iets gedaan ,
of scheelt er soms wat aan "?

"Nee , dat niet " sprak Ant ,
"maar ik denk aan later tijden ,
als wij eens van elkander moeten scheiden ".

Jan sprak :"Je maakt het me benauwd ,
we zijn nog niet eens met elkander getrouwd ".
"Nee ", zei Ant , "Scheiden .......zo scheiden ,
dat wij elkander op deez' aard nooit wederzien ".
Jan bleef eerst beteuterd staan,
maar opeens keek hij Ant weer vrolijk aan
en zei met een geleerd gezicht

"Men zegt, dat men op aarde wederkeert .
Natuurlijk in een andere vorm,
't zij in een ezel of een worm ,
een olifant of een beer ,
maar zo ontmoet je elkander weer ".
"Is dat waar?"vroeg Ant ,
nu zonder vrezen , "weet je ,
wat ik dan graag zou willen wezen ?
Zo heel iets fijns , zo heel iets kleins ,
dan zou ik een boterbloempje willen zijn ".

" Ja "sprak Jan ,
"als jij als boterbloempje was herrezen ,
dan zou ik een os willen wezen .
Ik ging naar de wei, waar je stond ,
zocht net zolang , tot ik je vond .
Dan boog ik mijn kop
en vrat je vol liefde op .

Dan zat je in mijn lijfje ,
mijn wijfje en daar blijf je ".
"Nee " , sprak Ant ,
"wat er van voren in gaat bij de snuit ,
komt er van achter bij de staart weer uit ."
"Zeg Jan , wat zou je zeggen ,
als je me daar zo zag leggen "?
"Ik zou zeggen , wel salamanderd ,
wat is die Ant vreselijk veranderd "
Bron: S.G.Kuperus, gedicht is ruim 100 jaar oud

Door Drims duinachtige dreven
drentelde dartel dominee Derksens
deugdzame dochter Doortje;
dit dametje deed dolgaarne deugdzame daden.
Dagelijks drenkte Doortje de dorstige dieren.

Dertien donzige duifjes doorkliefden Drims dreven,
doch de dartelende dreumes Dirk,
des dagloners Dorus Donker,
dreigde driest deze donzige diertjes.

Dit deerde de dierenbeschermende Doortje.
De dartele deern deed daarom den drommelschen dierenkweller
door den deftigen diender des dorps dooreenschudden,
doch de doortrapte deugniet doorscheurd
e den donkerblaauwen duffel des dronken dienders,
daar deze driemaal daags dronkenmakende dranken doorzwolg.
Dolzinnig doorboorde de degen des driftigen dienaars
den doodsbleeken deugniet!...
De dorpsdiender duizelde,
doorziende deze deerniswekkende,
doldriftige daad.
De dorpsschout dagvaardde dadelijk
den doemwaardigen doodslager..
doch de diender deserteerde
door de diligence, die Drims dorpsweg doorreed.
De dochter des Dominee's Derksen
doorleefde dientengevolge danig depressief,
donkere dagen.

Doortje doorkruiste daarna dagelijks droomerig de dennenwouden,
de dartelheid dervende,
daar Dirk Donders dood Doortje drukte.
Dinsdag, den derden December
doorsloop de droeve dood
de deur des dominee's Derksen,
diens desolate deugdzame dochter Doortje doodende.
Dat doet de deur dicht!

door D.de D.